De Rechtbank Limburg heeft enige tijd geleden uitspraak gedaan over de verplichting tot het afleggen van rekening en verantwoording over het beheer van de financiën van de erflater.

Eiseres vordert rekening en verantwoording, waarbij zij een onderscheid maakt tussen de periode 2011 tot augustus 2015, waarbij gedaagde gehouden is tot het afleggen van rekening en verantwoording op basis van het ongeschreven recht vanwege de omstandigheden van het geval, en de periode augustus 2015 tot aan het overlijden van erflaatster, waarbij de verplichting zijdens gedaagde voortvloeit uit de volmacht.

Vordering tot het afleggen van rekening en verantwoording. Volmacht. Beheer van financiën. Is de verplichting tot het afleggen van rekening en verantwoording tegenover erflater overgegaan op de erfgenaam van de erflater?

De rechter oordeelt als volgt.

De omstandigheden die nopen tot het afleggen van rekening en verantwoording over de eerste periode, zien op de geestelijke gezondheid van erflaatster, de afzondering van erflaatster door gedaagde, en het bestaan van de en/of-rekening van gedaagde en erflaatster waar alleen gedaagde toegang tot had.

Gedaagde heeft tijdens de mondelinge behandeling gesteld dat hij vanaf het verblijf van erflaatster in een verpleeghuis wegens dementie, augustus 2015 tot aan haar overlijden, op grond van de volmacht gehouden is tot het afleggen van rekening en verantwoording en daartoe ook bereid is.

Wat betreft de periode tot de opname is gedaagde, zo stelt hij, geen rekening en verantwoording verschuldigd, daar erflaatster gedurende die periode compos mentis was en er dan geen grondslag voor het afleggen van rekening en verantwoording is.

Tussen partijen is niet in geding dat gedaagde gehouden is tot het afleggen van rekening en verantwoording vanaf de opname op 1 augustus 2015 tot de dag van overlijden van erflaatster.

De vordering zal met betrekking tot die periode dan ook worden toegewezen.

Ter discussie staat wel of gedaagde gehouden is tot het afleggen van rekening en verantwoording vanaf het moment dat erflaatster is opgenomen in het Atrium begin december 2010 tot de dag van opname in het verpleeghuis.

De rechtbank overweegt dat van een verplichting tot het doen van rekening en verantwoording van de ene partij jegens de andere partij slechts sprake is indien tussen hen een rechtsverhouding bestaat of heeft bestaan, krachtens welke de een jegens de ander verplicht is zich omtrent de behoorlijkheid van enig vermogensrechtelijk beleid te rechtvaardigen.

De omstandigheid dat gedaagde bemoeienis had met de financiën van erflaatster brengt met zich dat hij jegens haar rekening en verantwoording verschuldigd was.

Gedaagde is – gezien de opvolging onder algemene titel (artikel 3:80 BW) – gehouden tot het afleggen van rekening en verantwoording jegens de erfopvolgers.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat kindsdeel over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over het afleggen van rekening en verantwoording in het erfrecht, belt u dan gerust onze advocaat kindsdeel op 020-3980150.

Wilt u meer weten over het kindsdeel, bezoek dan onze website over het kindsdeel. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.