Van onze advocaat kindsdeel. De Rechtbank Overijssel heeft op 19 maart 2018 uitspraak gedaan over een verzoek benoeming vereffenaar. Benoeming wettelijk vertegenwoordiger ten behoeve van een van de erfgenamen.

Op 16 oktober 2017 is te Deventer overleden mevrouw X (hierna te noemen erflaatster).

Blijkens mededeling van het Centraal Testamentenregister van de KNB van 23 oktober 2017 zijn geen akten op naam van erflaatster bekend waarbij zij over haar nalatenschap heeft beschikt.

De bekende wettelijke erfgenamen bij versterf zijn de kinderen van erflaatster.

Een van de kinderen (C) staat sinds 1979 onder curatele. Erflaatster was zijn curator. Thans loopt er een procedure bij de rechtbank Gelderland om een bewindvoerder en mentor ten behoeve van C aan te stellen. Daarbij is verzocht de heer Y als bewindvoerder te benoemen.

De erfgenamen hebben, op C na, de nalatenschap van erflaatster bij akte beneficiair aanvaard.

Met betrekking tot de nalatenschap is geen boedelnotaris aangewezen noch een executeur benoemd

Verzoek benoeming vereffenaar. Beneficiaire aanvaarding. Benoeming wettelijk vertegenwoordiger ten behoeve van een van de erfgenamen.

De rechter oordeelt als volgt.

Het verzoek strekt tot het benoemen van een vereffenaar op de voet van artikel 4:203 lid 1 onder a BW van de nalatenschap van erflaatster.

Verzoeker legt aan dit verzoek ten grondslag dat de verwachting is dat partijen niet met elkaar tot een afwikkeling van de nalatenschap kunnen komen, aangezien erfgenaam E weigert daaraan zijn medewerking te verlenen en de verhoudingen met hem al jaren ernstig verstoord zijn.

Ingevolge artikel 268 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering juncto artikel 1:10 BW is bevoegd de rechter van de laatste woonplaats van de overledene. Nu erflaatster haar laatste woonplaats heeft gehad in A, is deze rechtbank bevoegd van het verzoekschrift kennis te nemen.

De rechtbank acht de nalatenschap van erflaatster gelet op het bepaalde in artikel 4:193 lid 1 en 2 BW ook door C beneficiair aanvaard.

Weliswaar heeft C sinds het overlijden van erflaatster geen wettelijk vertegenwoordiger – waarover hierna meer –, maar de in laatstgenoemd artikel vermelde termijn van drie maanden is reeds verstreken, terwijl deze termijn niet meer verlengd kan worden aangezien dit vóór de afloop van de termijn dient te geschieden (artikel 4:193 lid 2 jo 4:192 lid 2, tweede zin BW).

Aangezien C niet in zijn belangen wordt geschaad door aan te nemen dat de nalatenschap ook door hem beneficiair is aanvaard, zal hiervan worden uitgegaan.

Uit het curatele- en bewind register volgt dat er ten aanzien van C tot op heden nog geen bewindvoerder of nieuwe curator is benoemd en aan de hiervoor genoemde instemming van de beoogd bewindvoerder kan dan ook geen waarde worden gehecht.

Gelet op het beginsel van hoor- en wederhoor, zal de rechtbank de beslissing in de onderhavige zaak aanhouden in afwachting van de benoeming van een wettelijk vertegenwoordiger ten behoeve van C, opdat ook namens hem al dan niet met het verzoek van verzoeker kan worden ingestemd.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag over de vereffening en verdeling van een erfenis, over het kindsdeel of over de legitieme, over de benoeming van een executeur of bewindvoerder of over beneficiaire of zuivere aanvaarding, belt u dan gerust onze advocaat kindsdeel op 020-3980150.