Het Gerechtshof Amsterdam heeft enige tijd geleden uitspraak gedaan over de vraag of een volledige vergoeding van de werkelijke gemaakte proceskosten gerechtvaardigd was.

De grief van appellante heeft betrekking op de proceskosten.

Appellante betoogt dat de rechtbank haar ten onrechte in de proceskosten heeft veroordeeld.

Geïntimeerden voeren aan dat appellante in de werkelijke kosten van de procedure in eerste aanleg en in appel dient te worden veroordeeld, gelet op de door hen geleden vermogensschade.

Erfrecht. Proceskosten. Volledige vergoeding van de werkelijke gemaakte proceskosten? Onnodig procederen? Onrechtmatige daad?

De rechter oordeelt als volgt.

De grief slaagt niet.

Het komt het hof, gelet op artikel 237 Rv, niet onjuist voor dat de rechtbank geen gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid in zaken waar het een familierelatie betreft de proceskosten te compenseren, maar appellante heeft veroordeeld in de proceskosten, nu zij grotendeels in het ongelijk is gesteld.

Om dezelfde reden zal het hof appellante veroordelen in de proceskosten in hoger beroep in principaal appel, zoals hierna berekend.

De incidentele grief van geïntimeerden ten aanzien van de werkelijk door hen gemaakte kosten van de procedure slaagt niet.

Volgens vaste rechtspraak is een volledige vergoedingsplicht ter zake van proceskosten denkbaar, doch alleen in ‘buitengewone omstandigheden’, waarbij dient te worden gedacht aan misbruik van procesrecht en onrechtmatige daad.

Hieromtrent is in het arrest van de Hoge Raad van 6 april 2012, HR:2012:BV7828, NJ 2012/233 overwogen dat pas sprake is van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen als grond voor een vergoedingsplicht ter zake van alle in verband met een procedure gemaakte kosten, als het instellen van de vordering, gelet op de evidente ongegrondheid ervan, in verband met de betrokken belangen van de wederpartij achterwege had behoren te blijven.

Hiervan kan eerst sprake zijn als eiser zijn vordering baseert op feiten en omstandigheden waarvan hij de onjuistheid kende dan wel behoorde te kennen of op stellingen waarvan hij op voorhand moest begrijpen dat deze geen kans van slagen hadden.

Bij het aannemen van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen door het aanspannen van een procedure past terughoudendheid, gelet op het recht op toegang tot de rechter dat mede gewaarborgd wordt door art. 6 EVRM.

Naar het oordeel van het hof doen voornoemde feiten en omstandigheden zich hier niet voor.

Daarbij komt dat het door geïntimeerden in dit verband gevorderde bedrag deels bestaat uit de advocaatkosten in deze procedure, die op grond van artikel 241 Rv reeds vallen onder de proceskostenveroordeling van artikel 237 Rv.

Het hof zal geïntimeerden veroordelen in de proceskosten in incidenteel appel nu zij daarin in het ongelijk zijn gesteld.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat verdeling erfenis over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de verdeling van een erfenis, bezoek dan onze website over de verdeling van een erfenis. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.