De Rechtbank Rotterdam heeft op 23 mei 2022 uitspraak gedaan over de benoeming van een vereffenaar op verzoek van een hypotheekgever als een schuldeiser van de nalatenschap.

In 2021 erflater overleden.

Uit het Centraal Testamentenregister blijkt dat erflater geen testament heeft opgemaakt.

Erflater is eigenaar van een woning.

Hij heeft de woning in 1998 gekocht samen met zijn echtgenote X.

X is op 8 april 2017 overleden.

Zij had geen testament opgemaakt blijkens het Centraal Testamentenregister, zodat erflater en hun twee kinderen de erfgenamen van X zijn.

Gelet op artikel 4:13 BW heeft erflater als langstlevende het volledige eigendom van de woning verworven.

Verzoekster heeft bij notariële aktes van 19 december 2000 en 18 juni 2001 overeenkomsten van hypothecaire geldleningen gesloten met erflater en X.

Erflater en X hebben aan verzoekster het recht van eerste en tweede hypotheek verleend op de woning.

Op 3 november 2017 heeft erflater de tenaamstelling van de hypothecaire geldleningen laten wijzingen op enkel zijn naam.

Het verzoek strekt tot benoeming van B tot vereffenaar van de nalatenschap van erflater, kosten rechtens.

Aan het verzoek heeft verzoekster het volgende ten grondslag gelegd.

Door het overlijden van erflater is de hoofdsom van de hypothecaire geldlening met rente terstond opeisbaar geworden.

Per 3 mei 2022 bedraagt de hoofdsom € 181.911,85. Verzoekster is bevoegd om de woning executoriaal te verkopen, maar dat heeft niet haar voorkeur omdat onderhandse verkoop door een vereffenaar een hogere opbrengst kan opleveren.

Op de woning rust tevens een executoriaal beslag van D B.V.

Belanghebbende schiet tekort in het beheer van de nalatenschap en wikkelt deze niet behoorlijk af.

Belanghebbende heeft aangegeven dat A niet over voldoende middelen beschikt om de nalatenschap te vereffenen.

Verzoekster heeft belang bij (executoriale) verkoop van de woning en de eventueel daarin nog aanwezige roerende zaken, zodat zij de rechtbank verzoekt een vereffenaar te benoemen.

Erfrecht. Benoeming van een vereffenaar op verzoek van schuldeiser. Hypothecaire geldlening. Belang. Verkoop van woning door vereffenaar om aan schulden van de nalatenschap te kunnen voldoen.

De rechter oordeelt als volgt.

Het feit dat de nalatenschap van erflater door A beneficiair is aanvaard, brengt mee dat belanghebbende, als zijn bewindvoerder, gehouden is de nalatenschap op de wettelijk voorgeschreven wijze te vereffenen.

Op grond van artikel 4:203 lid 1 onder b BW kan de rechtbank na aanvaarding onder voorrecht van boedelbeschrijving een vereffenaar benoemen op verzoek van een belanghebbende of van het openbaar ministerie, wanneer hij die met het beheer der nalatenschap belast is in ernstige mate in de vervulling van zijn verplichtingen tekortschiet, daartoe ongeschikt is of niet voldoet aan een last tot zekerheidstelling, wanneer de schulden der nalatenschap de baten blijken te overtreffen, of wanneer tot een verdeling van de nalatenschap wordt overgegaan voordat deze vereffend is.

Verzoekster is gelet op de hypothecaire geldlening belanghebbende bij dit verzoek.

Door het overlijden van erflater is de hoofdsom van de hypothecaire geldlening met de rente immers terstond opeisbaar geworden, zodat zij schuldeiser is.

Verzoekster heeft voorts voldoende onderbouwd dat er een grond is om een vereffenaar te benoemen, namelijk omdat de nalatenschap thans niet beheerd wordt.

Niet gebleken is immers dat belanghebbende, als bewindvoerder van A, actie heeft ondernomen om de nalatenschap van erflater te vereffenen.

Ook is het op dit moment onduidelijk of de schulden de baten overtreffen.

De WOZ-waarde van de woning bedraagt weliswaar € 240.000,- per 1 januari 2021, maar onduidelijk is of er waardeverminderende aspecten aanwezig zijn in de woning.

Ook is het onduidelijk of er nog andere schuldeisers zijn.

Er rust in ieder geval een executoriaal beslag van D B.V. op de woning.

Als een vereffenaar benoemd wordt, dan kan een vereffenaar de woning onderhands verkopen en op die manier een zo hoog mogelijke opbrengst genereren waardoor zowel de hypothecaire schulden, maar ook eventueel andere schuldeisers kunnen worden afgelost.

Belanghebbende heeft aan verzoekster per e-mailbericht van 14 april 2022 laten weten geen bezwaar te hebben tegen de benoeming van een vereffenaar.

Gelet op wat hiervoor is overwogen en omdat belanghebbende geen bezwaar heeft tegen de benoeming van een vereffenaar, is de rechtbank van oordeel dat er voldoende grond is om een vereffenaar te benoemen in de nalatenschap van erflater.

Het verzoek zal daarom worden toegewezen.

Verzoekster heeft voorgesteld om B tot vereffenaar te benoemen.

Blijkens de verklaring van 3 mei 2022 heeft zij zich bereid verklaard de benoeming tot vereffenaar van de nalatenschap van erflater te aanvaarden.

Belanghebbende heeft geen bezwaar hiertegen.

Gelet hierop zal de rechtbank B tot vereffenaar benoemen.

De vereffenaar dient de benoeming bekend te maken in de (digitale) Staatscourant.

Het verzoek met betrekking tot de kosten van dit verzoek wordt afgewezen, omdat daar nu geen grond voor is.

Deze dienen te zijner tijd separaat aan de kantonrechter te worden voorgelegd.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat verdeling erfenis over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de verdeling van een erfenis, bezoek dan onze website over de verdeling van een erfenis. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.