De Rechtbank Noord-Holland heeft op 30 juni 2021 uitspraak gedaan over de vraag of de betaling van de kosten van een grafsteen, welke kosten tot de schulden van de nalatenschap behoren, opgeschort konden worden.

Eiser is de partner van X.

Eiser en X waren niet gehuwd en hadden geen geregistreerd partnerschap.

X is op 2 mei 2019 overleden.

Zij had geen testament en als erfgenamen zijn haar ouders, broer en zus aangewezen.

Eiser heeft opdracht gegeven voor de uitvaart van X en voor de steen voor het graf van X en de kosten daarvan betaald.

Eiser heeft aan de erfgenamen gevraagd om hem deze kosten te vergoeden.

Erfrecht. Afwikkeling van een nalatenschap. Schulden van de nalatenschap. Uitvaartkosten. Kosten van een grafsteen. Grafrechten. Bevoegdheid tot opschorting van betaling?

De rechter oordeelt als volgt.

De kantonrechter stelt vast dat de kosten voor de grafsteen een schuld van de nalatenschap is.

Dit betekent dat de erfgenamen deze kosten moeten betalen.

Zij hebben dat ook erkend.

De erfgenamen vinden dat dat zij deze betalingsverplichting mogen opschorten totdat eiser heeft voldaan aan de afgifte van de erfstukken en het overdragen van de grafrechten.

De kantonrechter volgt de erfgenamen hierin niet en overweegt als volgt.

Een partij kan zich met recht op opschorting beroepen als er sprake is van twee tegenover elkaar staande verbintenissen.

Naar het oordeel van de kantonrechter gaat het hier niet twee tegenover elkaar staande verbintenissen.

De vordering van de kosten van de grafsteen heeft juridisch gezien niets te maken met de afgifte van de erfstukken en de grafrechten.

Dat maakt dat de erfgenamen niet bevoegd zijn zich op opschorting te beroepen.

Ten aanzien van de grafrechten overweegt de kantonrechter nog dat niet in geschil is dat eiser eigenaar is van de grafrechten.

De erfgenamen hebben niet aangetoond dat zij toch rechthebbende zijn op de grafrechten.

Ook hierom komt aan de erfgenamen geen gerechtvaardigd beroep op opschorting toe.

De conclusie is dat de kantonrechter de vordering van eiser ten aanzien van de hoofdsom van € 3.730,83 zal toewijzen.

Vast staat dat de erfgenamen dit bedrag niet hebben betaald, zodat de gevorderde rente over dit bedrag ook wordt toegewezen.

Wat betreft de buitengerechtelijke kosten overweegt de kantonrechter dat eiser terecht zijn vordering uit handen heeft gegeven, omdat de erfgenamen niet tot betaling van de grafsteen zijn overgegaan.

De door eiser gevorderde buitengerechtelijke kosten van € 498,08 daarom zullen worden toegewezen.

Dit bedrag gaat het conform het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke kosten maximaal toe te wijzen tarief niet te boven.

Gelet op de aard van de zaak ziet de kantonrechter aanleiding om te oordelen dat partijen ieder de eigen proceskosten dragen.

Tot slot hecht de kantonrechter er aan het volgende te benoemen.

Niet gebleken is dat X duidelijkheid heeft gegeven met betrekking tot de grafrechten.

De kantonrechter begrijpt dat dit voor beide partijen een moeilijke situatie is.

Beide partijen hebben hun dierbare verloren.

Aan de andere kant zijn partijen ook ieder een dierbare van X en de tussen partijen ontstane ruzie over de grafrechten had X vast niet gewild.

De kantonrechter geeft partijen mee dat er wellicht een vreedzame andere oplossing voor de toekomst mogelijk is, als zij elkaar ook erkennen als dierbare van X en in het verdriet door haar overlijden.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat verdeling erfenis over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over de schulden van de nalatenschap, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de verdeling van een erfenis, bezoek dan onze website over de verdeling van een erfenis. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.