Van onze advocaat erfrecht. De Rechtbank Rotterdam heeft op 25 oktober 2017 uitspraak gedaan over de vraag of een koopovereenkomst tot stand is gekomen waaraan de nalatenschap is gebonden.

Tussen partijen is in geschil of een de nalatenschap bindende koopovereenkomst tot stand is gekomen.

Stichting I stelt dat bij e-mail van 20 februari 2017 het voorstel tot (ver)koop van de woning voor een bedrag van € 400.000,– is aanvaard, waarmee de koopovereenkomst met betrekking tot de woning tot stand is gekomen.

Ter zake van de betrokkenheid van de executeur heeft Stichting I naar voren gebracht dat de executeur in rechte wordt betrokken omdat hij op grond van het bepaalde in artikel 4:145 lid 2 BW gedurende zijn beheer de erfgenamen in en buiten rechte vertegenwoordigt.

Volgens Stichting I heeft de executeur zich van het begin af aan op het standpunt gesteld dat de erfgenamen vrij waren over de verkoop te onderhandelen en als enige voorwaarde gesteld dat betaling van de erfbelasting geborgd zou zijn. De Stichting I verwijst daarbij naar de mail van de executeur van 25 januari 2017.

Primair heeft de executeur betwist dat sprake is van een de nalatenschap bindende overeenkomst. De executeur heeft in het kader van de door hem aanvaarde benoeming uitvoering willen geven aan de uiterste wilsbeschikking door de woning over te dragen aan de legatarissen. Uit zijn mailbericht van 23 september 2016 aan de bestuurder van de Stichting blijkt deze intentie. Hij zag geen rol voor zich weggelegd in het kader van een eventuele verkoop van de woning. Om die reden heeft hij een stap terug gedaan, zoals blijkt uit zijn bericht van 25 januari 2017. De executeur heeft nimmer onderhandeld over de (ver)koop van de woning. Subsidiair stelt de executeur dat tussen Stichting I en de legatarissen geen koopovereenkomst tot stand is gekomen. Door de legatarissen is geen onvoorwaardelijk aanbod gedaan. Voorts hebben de partijen geen overeenstemming bereikt over alle essentialia van de koopovereenkomst.

Is een koopovereenkomst tot stand gekomen waaraan de nalatenschap is gebonden? Taken en rol van de executeur.

De rechtbank overweegt als volgt. Hoewel beide partijen in hun processtukken de legatarissen aanduiden als ‘de erfgenamen’, is ter zake van de woning waarop de onderhavige procedure ziet van belang te constateren dat erflater in zijn testament een legaat heeft gemaakt, derhalve een vorderingsrecht heeft toegekend aan de legatarissen (artikel 4:117 BW).

Tot de taak van de executeur behoort (onder meer) het afgeven van legaten (artikel 4:144 jo 4:7 lid 1 sub h BW). Eerst na het afgeven van dit legaat door de executeur worden de legatarissen eigenaar van de woning en kunnen zij daarover beschikken.

In het testament is bepaald dat de executeur tot executeur-afwikkelingsbewindvoerder wordt benoemd. Aan hem worden alle bevoegdheden verleend die rechtens kunnen worden verleend aan de functies van executeur-afwikkelingsbewindvoerder, waaronder de bevoegdheid om zonder medewerking van de erfgenamen dan wel de kantonrechter te beschikken over alle tot de nalatenschap behorende goederen, inclusief registergoederen. In het testament is niet bepaald dat de executeur een of meer andere executeurs aan zich toe kan voegen of in zijn plaats kan stellen (artikel 4:142 BW).

Het vorenstaande brengt met zich dat de executeur beschikkingsbevoegd is ten aanzien van de woning. De legatarissen hebben slechts een vorderingsrecht. Gelet op het bepaalde in artikel 4:145 BW is deze vertegenwoordigingsbevoegdheid privatief.

In het onderhavige geval ligt primair de vraag voor of Stichting I met de executeur als vertegenwoordiger van de nalatenschap een koopovereenkomst heeft gesloten, waaraan de executeur in de uitoefening van zijn taak uitvoering dient te geven.

De rechtbank is van oordeel dat dit niet het geval is, nu hiervoor te weinig aanknopingspunten in het dossier aanwezig zijn. De bestuurder, handelend namens de Stichting I, heeft niet met de executeur, maar met de legatarissen gecorrespondeerd over een eventuele verkoop van de woning. Dat de executeur een aantal van deze mailberichten cc. heeft ontvangen, brengt niet met zich dat hij met Stichting I een koopovereenkomst is aangegaan.

Nog los van de vraag of er daadwerkelijk door aanbod en aanvaarding een koopovereenkomst tot stand is gekomen, is de enkele kennisname van mails onvoldoende om aan te nemen dat de executeur namens de nalatenschap een koopovereenkomst heeft gesloten. Dat de executeur op de hoogte wordt gehouden van berichtgeving over en weer over een eventuele verkoop van de woning – waarvan de levering door de legatarissen niet eerder kan worden geëffectueerd dan nadat de eigendom daadwerkelijk in handen is gekomen van de legatarissen – brengt niet met zich dat de executeur namens de nalatenschap een koopovereenkomst sluit.

In het mailbericht van 23 september 2016 laat de executeur geen misverstand bestaan over hoe hij zijn rol ziet: hij is voornemens het legaat af te geven aan de legatarissen en heeft uitdrukkelijk geen opdracht om het huis te verkopen. Wel verwacht hij dat de legatarissen, nadat het legaat is afgegeven en zij zodoende eigenaar zijn geworden, de woning zullen gaan verkopen. Zijn mailbericht van 25 januari 2017, waarin staat vermeld dat partijen rechtstreeks met elkaar contact op kunnen nemen omdat de executeur voor zichzelf geen rol ziet weggelegd waaraan toegevoegde waarde kan worden toegekend, dient in dat licht te worden begrepen: de executeur wil een toekomstige transactie tussen de Stichting I en legatarissen niet in de weg staan, maar is tegelijkertijd van mening dat hij hiermee als executeur niets van doen heeft en geen rol van betekenis kan vervullen. De executeur heeft in zijn conclusie van antwoord hieraan toegevoegd dat het hem, gelet op de daaraan verbonden risico’s zoals mogelijke aanspraken van de koper, voorkomt dat de woning niet direct uit de nalatenschap aan derden dient te worden verkocht en geleverd, doch eerst aan de legatarissen dient te worden afgegeven.

Nu van een volmacht of lastgeving van de executeur aan de legatarissen evenmin is gebleken, ligt de vordering voor afwijzing gereed. Door de executeur is immers niet de indruk gewekt dat (een van) de legatarissen zelfstandig bevoegd zou zijn om voor wat betreft de verkoop van de woning de nalatenschap te binden buiten de medewerking van de executeur om.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag over de vereffening, verdeling of afwikkeling van een erfenis, over het beheer van een nalatenschap of over de taken van de executeur, belt u dan gerust onze advocaat erfrecht op 020-3980150.