Van onze advocaat erfrecht. De Rechtbank Overijssel heeft op 22 februari 2017 uitspraak gedaan over de vordering van een erfgenaam om inzage in het medisch dossier van zijn overleden vader te verkrijgen.

Het geschil tussen partijen ziet op de vraag of het ziekenhuis (L) verplicht moet worden om inzage te verlenen in het medisch dossier van vader en daarmee haar geheimhoudingsplicht te doorbreken.

De advocaat van de erfgenaam stelt zich op het standpunt dat hij de gevraagde informatie nodig heeft om bewijs te kunnen verzamelen en daarmee de rechtsgeldigheid van het testament aan te kunnen vechten. Er bestaan volgens hem voldoende concrete aanwijzingen dat zijn vader ten tijde van het opstellen van het testament niet wilsbekwaam (compos mentis) was.

Volgens L is geen sprake van een zwaarwegend belang dat het opheffen van het beroepsgeheim kan rechtvaardigen. De belangen die eiser heeft aangevoerd zijn niet nader gemotiveerd en zijn onvoldoende om tot een opheffing van het beroepsgeheim te komen. Bovendien heeft L al aan eiser medegedeeld dat de informatie uit het medisch dossier geen informatie bevat over vastgestelde wilsbekwaamheid of wilsonbekwaamheid van vader rond het moment van het opmaken van het testament.

Op grond van artikel 7:457 BW dient de hulpverlener ervoor zorg te dragen dat aan anderen dan de patiënt geen informatie over de patiënt, dan wel inzage in of afschrift van diens dossier wordt verstrekt zonder toestemming van de patiënt. Dit belang van geheimhouding, dat ook geldt nadat de patiënt is overleden, is van zodanig gewicht dat daarop slechts inbreuk kan worden gemaakt indien er voldoende concrete aanwijzingen bestaan dat een ander zwaarwegend belang geschaad zou kunnen worden (Hoge Raad 20 april 2001, HR:2001:AB1201).

Erfgenaam heeft gesteld dat hij in zijn financiële en emotionele belangen is geschaad, maar hij heeft met name zijn financiële belangen onvoldoende onderbouwd. Bovendien zijn de gestelde financiële en emotionele belangen van eiser in de gegeven omstandigheden onvoldoende om op te wegen tegen het belang van de geheimhoudingsplicht van L. Het belang van die geheimhoudingsplicht weegt in het onderhavige geval extra zwaar, nu vader volgens L in 2005, aldus ruim voor het opmaken van het testament en de opname in het verpleeghuis, reeds te kennen heeft gegeven dat hij niet wilde dat zijn medische gegevens zouden worden gedeeld met onder andere eiser. Dat vader op dat moment reeds niet in staat zou zijn geweest om zijn wil te bepalen heeft eiser niet gesteld en is ook niet gebleken. Sterker nog, de geneesheer-directeur van L heeft ter zitting te kennen gegeven dat vader de beslissing om zijn medische gegevens niet met eiser te delen destijds voldoende heeft gemotiveerd en dat er geen vragen over zijn wilsbekwaamheid zijn gerezen.

Voorts is van belang dat L heeft aangevoerd het medisch dossier van vader geen opheldering zal verschaffen over de wilsbekwaamheid van vader op het moment van het opmaken van het testament. Ook die omstandigheid draagt eraan bij dat het belang van de geheimhoudingsplicht in het onderhavige geval zwaarder weegt dan het belang van eiser als erfgenaam.

Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat voor eiser andere mogelijkheden hebben bestaan om meer duidelijkheid te verkrijgen over de wilsonbekwaamheid van vader ten tijde van het testeren. Zoals L terecht heeft betoogd, was het primair aan de notaris ten overstaan van wie vader zijn testament heeft opgesteld om te beoordelen of er op dat moment sprake was van wilsbekwaamheid van vader. Eiser als erfgenaam had de mogelijkheid om de notaris hierover te horen. Dit heeft hij nagelaten.

Aan de vraag of er concrete aanwijzingen bestaan dat vader niet in staat was om zijn wil te bepalen ten tijde van het opmaken van het testament, komt de rechtbank gelet op het vorenstaande niet toe. Al met al concludeert de rechtbank dat niet is voldaan aan de vereisten voor doorbreking van de geheimhoudingsplicht.

Heeft u vragen over het inzagerecht van een erfgenaam in een medisch dossier van een erflater of over de wilsonbekwaamheid van de erflater bij het opmaken van een testament, belt u dan gerust onze advocaat erfrecht op 020-3980150.