Van onze advocaat erfrecht. De Rechtbank Limburg heeft op 9 februari 2018 uitspraak gedaan over het ontslag van een testamentair bewindvoerder. Waren de belangen van de minderjarige erfgenaam voldoende gewaarborgd en beschermd?
Uit het verzoekschrift en de bijlagen blijkt het volgende.
De erflaatster is de oma van de erfgenamen en heeft bij testament, verleden op 24 september 2004, onder meer een van de kleinkinderen (thans nog minderjarig) tot haar erfgenamen benoemd.
Verder heeft de erflaatster bij testament haar dochter (verzoekster) tot bewindvoerder benoemd over hetgeen de kinderen van verzoekster uit haar nalatenschap verkrijgen en bepaald dat het bewind eindigt op het moment dat de erfgenamen de leeftijd van 23 jaar hebben bereikt.
Het verzoek strekt tot ontslag van verzoekster als (testamentair) bewindvoerder
De rechter oordeelt als volgt.
Op grond van artikel 4:164 lid 1 sub e Burgerlijk Wetboek (BW) eindigt de hoedanigheid van bewindvoerder door ontslag dat de kantonrechter hem met ingang van een bepaalde dag verleent.
Op grond van lid 2 van dat artikel wordt het ontslag hem verleend hetzij op eigen verzoek, hetzij wegens gewichtige redenen op verzoek van – onder andere – de rechthebbende. Deze bepaling is nagenoeg gelijkluidend in het testament door de erflaatster overgenomen.
Voorop staat de bescherming van de belangen van de thans nog minderjarige erfgenaam.
Uit zowel het verzoekschrift als uit de verklaringen van de erfgenaam, de vader van de erfgenamen en de bewindvoerder is komen vast te staan dat de verstandhouding tussen verzoekster en haar kinderen verstoord is.
Verder is ter mondelinge behandeling komen vast te staan dat de erfdelen van de erfgenamen op een derdenrekening bij de notaris geparkeerd staan totdat het testamentair bewind eindigt en dat de vader van de erfgenamen bij beschikking van deze rechtbank tot bijzonder curator ter zake de vermogensrechtelijke aangelegenheden van de minderjarige erfgenaam is benoemd.
Verder heeft de vader van de erfgenamen bij akte de benoeming tot opvolgend bewindvoerder over de erfdelen van de erfgenamen aanvaard waarmee is voldaan aan hetgeen de erflaatster in haar testament heeft bepaald.
Ondanks het feit dat de minderjarige erfgenaam niet ter mondelinge behandeling is verschenen noch schriftelijk heeft verklaard in te stemmen met het verzoek constateert de rechter thans dat de belangen van deze minderjarige voldoende zijn gewaarborgd en beschermd.
Dat betekent dat het verzoek van verzoekster zal worden ingewilligd.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag over de vereffening en verdeling van een erfenis, over minderjarigen in het erfrecht, over bewind en curatele of over de benoeming of ontslag van een bewindvoerder, belt u dan gerust onze advocaat erfrecht op 020-3980150.