Het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft onlangs uitspraak gedaan over de vraag of pinpasopnames door een erfgenaam van erflaatstersbankrekening onrechtmatig waren.

Appellant heeft na het overlijden van moeder geld gepind van haar bankrekening (in totaal € 8.500,-).

Volgens appellant was dat nodig om de kosten van de uitvaart van moeder te voldoen.

De rechtbank heeft daarover het volgende oordeel gegeven:

Ter zitting heeft appellant verklaard dat hij nog over die gelden beschikt.

Wat hiervan ook zij, de rechtbank stelt vast dat appellant tot op heden geen duidelijkheid heeft verschaft over wat er exact met deze door hem opgenomen bedragen is gebeurd.

De rechtbank houdt het er dan ook voor dat hij zich reeds op 25 april 2018 als heer en meester over de nalatenschap van moeder heeft gedragen door deze bedragen aan de nalatenschap te onttrekken en hij daardoor deze nalatenschap op de voet van artikel 4:192 lid 1 BW zuiver heeft aanvaard (…)

Nu niet gebleken is dat de door appellant van de bankrekening van moeder gepinde gelden op enigerlei wijze aan (schuldeisers van) moeder ten goede is gekomen zal appellant dit bedrag terug moeten betalen.

Het door appellant aan de nalatenschap onttrokken bedrag ad. € 8.500,– zal op grond van artikel 4:228 lid 1 BW toegerekend worden op zijn erfdeel.

Volgens appellant is het oordeel dat hij de nalatenschap van moeder zuiver heeft aanvaard onjuist.

Appellant voert met de grief verder aan dat hij met het gepinde geld kosten van de uitvaart heeft betaald, en dat daaruit geen zuivere aanvaarding van de nalatenschap kan worden afgeleid.

Erfrecht. Zuivere aanvaarding door betalen uitvaartkosten? Geldopnames met pinpas. Onrechtmatige onttrekking van gelden? Toerekening van schuld op erfdeel.

De rechter oordeelt als volgt.

Volgens appellant is het oordeel dat hij de nalatenschap van moeder zuiver heeft aanvaard onjuist.

Appellant voert met de grief aan dat hij met het gepinde geld kosten van de uitvaart heeft betaald, en dat daaruit geen zuivere aanvaarding van de nalatenschap kan worden afgeleid.

Het hof ziet niet in wat de relevantie is van de grief.

De vraag of appellant zuiver heeft aanvaard of beneficiair, is van belang voor de vraag op welk vermogen de schulden van de nalatenschap verhaald kunnen worden: alleen op de goederen van de nalatenschap of ook op het overige vermogen van appellant (artikel 4:184 lid 2 sub a BW).

In dit geschil gaat het echter niet om schulden van de nalatenschap maar om schulden aan de nalatenschap.

Volgens geïntimeerde heeft appellant schulden aan de nalatenschap.

Het wel of niet slagen van de grief heeft geen beslissende betekenis voor de vorderingen (van geïntimeerde) die het hof moet beoordelen.

Om deze reden zal het hof de grief verder onbesproken laten.

Met de grief komt appellant op tegen het oordeel dat € 8.500,– zal worden toegerekend op zijn erfdeel.

Appellant heeft herhaald dat hij met dit geld kosten voor de uitvaart van moeder heeft voldaan.

In zijn toelichting op de grief is hij ingegaan op een overweging dat hij ter zitting heeft verklaard dat hij nog over die gelden beschikt.

Het hof is van oordeel dat appellant geen voldoende kenbare grief heeft gericht tegen het oordeel van de rechtbank dat hij geen duidelijkheid heeft verschaft over wat er exact met de door hem opgenomen bedragen is gebeurd.

De grief is wel gericht tegen de overweging over wat appellant ter zitting heeft verklaard.

Dat was echter een overweging ten overvloede die niet beslissend is geweest voor het oordeel dat € 8.500,– op het erfdeel van appellant wordt toegerekend.

Los van een en ander verwerpt het hof de grief omdat appellant ook in hoger beroep op geen enkele wijze inzichtelijk heeft gemaakt dat hij van de gepinde bedragen kosten van de uitvaart van moeder heeft voldaan.

Tijdens de mondelinge behandeling heeft hij verklaard dat hij het geld had opgenomen om de uitvaart te betalen maar dat er een uitvaartverzekering bleek te zijn.

Op een vraag waarom hij het geld toen niet meteen heeft teruggestort, heeft appellant geen plausibele verklaring gegeven en overigens valt niet in te zien waarom appellant het niet op een later moment heeft teruggestort.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat verdeling erfenis over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de verdeling van een erfenis, bezoek dan onze website over de verdeling van een erfenis. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.